Gebruik het volume van de oplossing
c = n/V · n = cV
V is het totale volume van de oplossing, niet zomaar het vooraf toegevoegde oplosmiddel. Schrijf bij elke grootheid de eenheid. 250 mL is 0,250 L: om van mL naar L te gaan deel je door 1000.
Voorbeeld: 0,050 mol in 250 mL oplossing
Werk het stap voor stap uit
Een oplossing bevat 0,050 mol NaCl en heeft een volume van 250 mL. Bereken c.
- Zet volume om: 250 mL = 0,250 L.
- Gebruik c = n/V.
- c = 0,050/0,250 = 0,20.
c = 0,20 mol/L.
Waarom kan de letter M verwarrend zijn?
Wij schrijven concentratie in deze lessen als c in mol/L. Kijk altijd naar de context en de eenheid: molaire massa en molconcentratie zijn verschillende grootheden.
| Notatie | Betekenis | Eenheid |
|---|---|---|
| M als grootheid in n = m/M | Molaire massa | g/mol |
| 0,20 M als concentratienotatie | 0,20 molair | 0,20 mol/L |
Wat gebeurt er als je verdunt?
Als je alleen oplosmiddel toevoegt en er geen opgeloste stof verdwijnt of reageert, blijft n gelijk. Het grotere oplossingsvolume maakt c kleiner. Twee keer zoveel totaal volume geeft dan de helft van de concentratie.
Test jezelf
Vraag 1 van 3