Stofverandering of alleen toestandsverandering?
Bij het verbranden van koolstof ontstaat koolstofdioxide: een nieuwe stof. Bij het smelten van ijs blijven de watermoleculen H₂O. In beide situaties kan energie worden uitgewisseld; energieoverdracht alleen bewijst dus geen chemische reactie.
| Situatie | Nieuwe stof? | Soort verandering |
|---|---|---|
| IJs smelt | Nee | Fysisch |
| Koolstof verbrandt | Ja | Chemisch |
| Water verdampt | Nee | Fysisch |
Wat kun je waarnemen tijdens een reactie?
Gasvorming, kleurverandering, warmte, licht of een neerslag kunnen aanwijzingen zijn. Geen van deze signalen bewijst op zichzelf dat er nieuwe stoffen zijn gevormd. Bellen kunnen ook ontstaan doordat een vloeistof kookt.
Een reactieomschrijving of stofanalyse helpt je vaststellen wat er chemisch verandert. Scheid daarom wat je ziet van de verklaring die je erbij geeft.
Een reactie beschrijven in woorden en formules
De pijl lees je als “reageert tot”. De formules links en rechts vertellen welke stoffen reageren en ontstaan.
Werk het stap voor stap uit
Koolstof reageert met zuurstof tot koolstofdioxide. Hoe schrijf je dit?
- Beginstoffen: koolstof en zuurstof.
- Product: koolstofdioxide.
- Formules: C + O₂ → CO₂; beide kanten hebben 1 C en 2 O.
De atomen blijven behouden, maar hun verbinding verandert.
Test jezelf
Vraag 1 van 3