← Atomen

Basis atoombouw

Atoomnummer: protonen bepalen en oefenen

Het atoomnummer Z is het aantal protonen in de kern. Natrium heeft atoomnummer 11: ieder natriumatoom heeft dus 11 protonen. Het atoomnummer bepaalt welk element je voor je hebt.

Waar staat het atoomnummer?

In de notatie van een specifiek isotoop staat het atoomnummer linksonder het elementsymbool. Het massagetal staat linksboven. Soms wordt het atoomnummer weggelaten, omdat het elementsymbool het element al vastlegt.

Na2311massagetal Aatoomnummer Z
Links boven: massagetal 23. Links onder: atoomnummer 11. Rechts: elementsymbool Na.

Atoomnummer, massagetal en atoommassa

Rond een gemiddelde atoommassa niet zomaar af om het aantal neutronen van een onbekend isotoop te bepalen. Daarvoor moet het massagetal van dat specifieke isotoop gegeven zijn.

BegripWat betekent het?Voorbeeld
Atoomnummer ZAantal protonen; bepaalt het elementNatrium: Z = 11
Massagetal AAantal protonen + neutronen in één isotoopNatrium-23: A = 23
Gemiddelde atoommassaGewogen gemiddelde van de massa’s van de isotopenKan een decimaal getal zijn in de tabel

Voorbeeld: natrium-23

Werk het stap voor stap uit

Een neutraal natrium-23-atoom heeft Z = 11 en A = 23. Hoeveel protonen, neutronen en elektronen heeft het?

  1. Protonen: het atoomnummer geeft direct 11.
  2. Neutronen: 23 − 11 = 12.
  3. Elektronen: dit atoom is neutraal, dus evenveel elektronen als protonen.

11 protonen, 12 neutronen en 11 elektronen.

Veelgemaakte fout: 23 protonen invullen

Het getal 23 telt protonen en neutronen samen. Met 23 protonen zou je een ander element hebben. Natrium met een ander aantal neutronen is een ander isotoop van natrium; natrium dat een elektron afstaat is een natriumion. In beide gevallen blijft Z gelijk.

Test jezelf

Vraag 1 van 3

Zuurstof heeft atoomnummer 8. Hoeveel protonen heeft ieder zuurstofatoom?