De regel: positief min negatief
q = p − e
Iedere proton draagt +1 bij en ieder elektron −1, in deze ladingseenheden. Bij evenveel protonen als elektronen is de nettolading nul. Meer protonen dan elektronen geeft een positief ion; meer elektronen geeft een negatief ion.
| Protonen | Elektronen | Berekening | Lading |
|---|---|---|---|
| 11 | 11 | 11 − 11 | 0 (neutraal) |
| 11 | 10 | 11 − 10 | 1+ |
| 8 | 10 | 8 − 10 | 2− |
Andersom rekenen: hoeveel elektronen?
Werk het stap voor stap uit
Een magnesiumion heeft 12 protonen en lading 2+. Hoeveel elektronen heeft het?
- Een positief ion heeft minder elektronen dan protonen.
- Voor lading +2 moeten er twee elektronen minder zijn.
- Elektronen = 12 − 2 = 10.
Mg²⁺ heeft 10 elektronen.
Gebruik bij e = p − q het teken van q: bij q = −2 wordt e = p − (−2) = p + 2.
Lading is iets anders dan het aantal atomen
Een getal rechtsboven, zoals 2+ in Mg²⁺, hoort bij de lading. Een getal rechtsonder, zoals 2 in H₂O, telt atomen. Na⁺ betekent één natriumion met lading +1; het plusje betekent geen extra proton.
Test jezelf
Vraag 1 van 3