Het atoomnummer is een vaste elementcode
In het periodiek systeem staan elementen op volgorde van hun atoomnummer Z. Z telt protonen, niet alle deeltjes in het atoom. Zo betekent Z = 8 altijd zuurstof.
Een verandering van het aantal protonen levert een ander element op. Dat is een verandering van de kern en gebeurt niet bij gewone ionvorming.
Wat verandert bij een isotoop of ion?
Gebruik drie afzonderlijke vragen: welk element, welk isotoop en welke lading? Ze gaan over verschillende aantallen en mogen niet door elkaar lopen.
| Verandering | Wat verandert? | Zelfde element? |
|---|---|---|
| Ander isotoop | Aantal neutronen | Ja |
| Ionvorming | Aantal elektronen | Ja |
| Ander aantal protonen | Atoomnummer | Nee |
Een geladen deeltje herkennen
De lading geeft geen nieuw elementsymbool. Een positief zuurstofion is nog steeds zuurstof, omdat zijn kern 8 protonen bevat.
Werk het stap voor stap uit
Een deeltje heeft 8 protonen, 10 neutronen en 10 elektronen. Welk element is het?
- Zoek het element met Z = 8: zuurstof.
- Het massagetal is 8 + 10 = 18.
- De lading is 8 − 10 = −2.
Het is een zuurstof-18-ion met lading 2−.
Test jezelf
Vraag 1 van 3